Email Abonnement

Showing posts with label Religieus moederen. Show all posts
Showing posts with label Religieus moederen. Show all posts

Wednesday, September 11, 2013

Wat ik leerde van het verhaal van David

Mijn oudste zoon is vorige week met een nieuwe opleiding begonnen. Hij moet nu 8 kilometer fietsen, en dan met de trein naar zijn nieuwe school. Onderweg moet hij ook nog een keer overstappen.

Als moeder vind ik dat maar spannend. En dus overlaadde ik hem met last minute moederlijke adviezen. En ik zette snel wat extra beltegoed op zijn mobieltje, stopte hem een portemonnee met kleingeld toe, en gaf hem een tas voor zijn boeken. En toen het regende legde ik zijn regenpak vast klaar, zodat hij niet de hele dag in natte kleren hoefde te lopen.

Maar mijn zoon vond al die dingen niet nodig. Hij slingerde zijn oude rugzak op zijn rug, en vertrok gewoon. Op zijn manier.
David

Plotseling moest ik toen aan het verhaal van David en Goliath denken. Toen David het tegen die grote reus moest opnemen, hees Saul hem in een groot harnas. Hij zette hem een bronzen helm op en deed hem een borstpantser aan. Want dat was de manier waarop Saul de strijd aan ging.

Maar voor David voelde het niet goed. Hij kon er niet eens in lopen. Het was zogezegd niet zijn stijl van aanpak.

David deed het op zijn eigen manier.
En die werkte uitstekend, zoals we allemaal weten.

Als moeder moet ik mijn zoon de kans en ruimte geven om de dingen op zijn manier te doen. Al mijn adviezen en spullen die ik hem wilde meegeven, waren als de bronzen helm en het borstpantser.

Ik moet vertrouwen hebben dat hij het kan op zijn eigen manier.
Net als David.

1 Samuel 17-58

'Toen hielp hij David in zijn wapenrusting; hij zette hem een bronzen helm op en deed hem een borstpantser aan. 39 Ten slotte gordde David zijn zwaard over zijn uitrusting en probeerde te lopen, want hij was er niet in geoefend. ‘Ik kan er niet in lopen,’ zei David tegen Saul, ‘ik ben er niet in geoefend.’ Hij trok alles weer uit, 40 pakte zijn stok, zocht in de beek vijf gladde stenen uit en stopte ze in zijn herderstas. Toen ging hij met zijn slinger in de hand op de Filistijn af.'

Wednesday, May 15, 2013

Bijbel voor pubers: de Kijkbijbel!

Er zijn grenzen aan mijn vermogen om Zen te blijven als ik langdurig en hartelijk wordt uitgelachen.

En dus bracht ik na één lezing de Tienerbijbel snel weer terug naar de bibliotheek. Want ondanks de hippe tekeningen, was het taalgebruik ouderwets en werd God aangesproken met De Heere, met twee 'é's. Wanneer God met De Heere wordt aangesproken dan is er in de regel sprake van een streng Godsbeeld en Jezusverheerlijking. Dus ik kon het de kinderen eigenlijk niet eens kwalijk nemen dat deze tienerbijbel hen niet aansprak.

Maar toen zaten we dus zonder bijbel. Mismoedig keek ik naar de kinderbijbels in onze boekenkast. Welke was geschikt? De ene was te zwaar op de hand, de andere te breedsprakig, en weer een andere hadden we al tien keer gelezen. Toen viel plotsklaps een zonnestraal op De Kijkbijbel als een teken uit de hemel van De Heere.

Oké, eigenlijk viel mijn oog er toevallig op, maar dat klinkt zo saai. Nu lees ik dagelijks mijn pubers voor uit de Peuterbijbel, en het is een groot succes! De verhalen zijn kort genoeg voor hun minimale aandachtsspanne, en er zitten heel veel plaatjes in. En ík ben blij omdat de vertellingen in de Peuterbijbel heel efficiënt geschreven zijn, en de kinderen dus goed bekend worden met dit culturele en religieuze erfgoed. In korte zinnen, worden heel adequaat lange bijbelverhalen uit de doeken gedaan!

Wie had gedacht dat de Kijkbijbel zo geschikt zou zijn voor pubers?!

Sunday, March 31, 2013

Ik en de profeten

'Geen profeet is in zijn eigen land geëerd,' gaat het gezegde, en daar denk ik dan maar aan als mijn kinderen mij weer eens uitlachen als ik hen trakteer op een bijbelverhaal.

Aangezien ik als moeder tegelijkertijd de kok, ober, serveerster en afwashulp ben, eet ik vaak nogal haastig. Daardoor ben ik meestal veel sneller klaar dan mijn kinderen. Het feit dat de kinderen ook nog eens veel tijd nodig hebben om met hun vingers alle groentes er uit te vissen helpt ook niet. En aangezien hun tafelconversatie maar matig is, verveel ik me dan, en krijg de neiging ze op te jagen.

Om dit te voorkomen lees ik ze dagelijks een verhaal uit de bijbel voor zo gauw ik mijn bordje leeg heb. Zo zorg ik ervoor dat hun bijbelkennis op peil is, en scoor bovendien punten als Goede Moeder. Maar het valt niet mee dagelijks hun gegiebel te trotseren…

Gelukkig had de bibliotheek gisteren eindelijk weer eens een hele nieuwe kinderbijbel: een Tienerbijbel om precies te zijn! Geschreven door ene Willem Vink. De voorkant ziet er in ieder geval veelbelovend uit. Ik ben benieuwd hoe deze bijbel gaat uitpakken.

Binnenkort dus een review!

Friday, December 28, 2012

Ben ik mijn zusters hoeder?

'Ben ik mijn broeders hoeder?' vroeg Kaïn smalend toen God hem vroeg waar zijn broer Abel was. Het wás natuurlijk ook een lastige vraag, aangezien Kaïn hem net had doodgeslagen... Maar één van de dingen die ik mijn kinderen wil meegeven is dat je er als broers en zussen voor elkaar moet zijn. Hoewel veel vruchten van mijn opvoeding nog moeten rijpen, viel er vlak voor de Kerstvakantie zomaar eentje in mijn schoot. Want mijn jongste dertienjarige dochter, moest als enige om 8.30 op school beginnen, en durfde niet goed in haar eentje door het donker te fietsen. Toen bracht mijn oudste, vijftienjarige zoon, haar naar school op zíjn vrije dag. Niet niks voor een puber. Hij was zijn zusters hoeder!

Tuesday, July 10, 2012

Talenten

Een vriendinnetje van mijn oudste dochter is toegelaten tot het conservatorium! Maar omdat de beroepsperspectieven slecht zijn, mag ze daar van haar ouders niet naar toe. Zij vinden een studie rechten verstandiger, en vanuit financieel oogpunt is het dat wellicht ook.

Het zette me aan het denken over één van de lessen die ik van mijn ouders meekreeg, en waarbij ze vaak verwezen naar het verhaal van de talenten in Matteus 25. De boodschap in dit verhaal is dat je de talenten die je kreeg moet gebruiken, en ze niet 'in de grond stoppen'. Wij waren allemaal gezegend met een goed stel hersens, en de boodschap van mijn ouders was duidelijk: die moesten we dan ook inzetten!

Je wordt niet zomaar toegelaten tot het conservatorium lijkt me, dus dan ben je één van de begenadigden die zoveel muzikaal talent heeft. Ben je het dan niet verplicht aan dat talent het te benutten? Moet je er dan niet op vertrouwen dat er heus wel een baan op je pad zal komen? Of is het toch beter om voor de veiligheid van een meer standaard baan te kiezen?

Matteüs 25, 14-30

Of het zal zijn als met een man die op reis ging, zijn dienaren bij zich riep en het geld dat hij bezat aan hen in beheer gaf. Aan de een gaf hij vijf talent, aan een ander twee, en aan nog een ander één, ieder naar wat hij aankon. Toen vertrok hij.

Meteen ging de man die vijf talent ontvangen had op weg om er handel mee te drijven, en zo verdiende hij er vijf talent bij. Op dezelfde wijze verdiende de man die er twee had gekregen er twee bij. Degene die één talent ontvangen had, besloot het geld van zijn heer te verstoppen: hij begroef het.

Na lange tijd keerde de heer van die dienaren terug en vroeg hun rekenschap. Degene die vijf talent ontvangen had, kwam naar hem toe en overhandigde hem nog vijf talent erbij met de woorden: “Heer, u hebt mij vijf talent in beheer gegeven, alstublieft, ik heb er vijf talent bij verdiend.” Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar bent gebleken in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je heer.”

Ook degene die twee talent ontvangen had, kwam naar hem toe en zei: “Heer, u hebt mij twee talent in beheer gegeven, alstublieft, ik heb er twee talent bij verdiend.” Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar was in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen. Wees welkom bij het feestmaal van je heer.”

Nu kwam ook degene die één talent ontvangen had naar hem toe, hij zei: “Heer, ik wist van u dat u streng bent, dat u maait waar u niet hebt gezaaid en oogst waar u niet hebt geplant, en uit angst besloot ik uw talent te begraven; alstublieft, hier hebt u het terug.” Zijn heer antwoordde hem: “Je bent een slechte, laffe dienaar. Je wist dus dat ik maai waar ik niet heb gezaaid en oogst waar ik niet heb geplant? Had mijn geld dan bij de bank in bewaring gegeven, dan zou ik bij terugkomst mijn kapitaal met rente hebben terugontvangen. Pak hem dat talent maar af en geef het aan degene die er tien heeft.

Want wie heeft zal nog meer krijgen, en wel in overvloed, maar wie niets heeft, hem zal zelfs wat hij heeft nog worden ontnomen. En die nutteloze dienaar, gooi die eruit, in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt.

Monday, April 23, 2012

Mattheus 25:35-40 in de praktijk

Matteüs 25:35-40

35 Want ik had honger en jullie gaven mij te eten, ik had dorst en jullie gaven mij te drinken. Ik was een vreemdeling, en jullie namen mij op, 36 ik was naakt, en jullie kleedden mij. Ik was ziek en jullie bezochten mij, ik zat gevangen en jullie kwamen naar mij toe.”

37 Dan zullen de rechtvaardigen hem antwoorden: “Heer, wanneer hebben wij u hongerig gezien en te eten gegeven, of dorstig en u te drinken gegeven? 38 Wanneer hebben wij u als vreemdeling gezien en opgenomen, u naakt gezien en gekleed? 39 Wanneer hebben wij gezien dat u ziek was of in de gevangenis zat en zijn we naar u toe gekomen?” 40 En de koning zal hun antwoorden: “Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan.”


Aan dit bijbelfragment moest ik denken toen vorige week mijn oudste zoon belde met een onduidelijk verhaal over een vriend die gestrand was met zijn fiets, en nu niet thuis kon komen.

'Mam, ik sta hier met Tim in de stad, en hij kan niet naar huis fietsen. Kun jij hem even naar huis brengen?' Met die vraag belde mijn oudste zoon (15) mij op. Maar de desbetreffende vriend bleek een racefiets bij zich te hebben, en ruim dertig kilometer verderop te wonen. Mijn oudste zoon zit in mavo 3 van het speciaal onderwijs, en zijn klasgenoten komen dus uit alle omstreken.

Hoewel ik hem dus niet 'eventjes' naar huis kon brengen, had ik met deze mij onbekende Tim te doen, en na enig overdenken bood ik aan dat hij dan wel bij ons kon komen logeren. De volgende dag kon hij dan namelijk met 'het busje' weer naar huis. Nadat ik het aanbod had gedaan voelde ik me een beetje ongemakkelijk want ik kende de desbetreffende vriend helemaal niet. Maar ik vind het belangrijk om behulpzaam te zijn, en stelde me bovendien voor dat ik ook graag zou willen dat iemand mijn zoon zou helpen in een dergelijke situatie. Ik besloot dus maar even af te wachten.

Toen ze thuiskwamen stelde Tim, die al achttien bleek te zijn, zich keurig voor en vroeg toen of hij even mocht bellen. Het bleek dat hij in een gezinsvervangend tehuis woonde, en dat zijn begeleider helemaal niet blij met hem was. Het was namelijk tegen de regels om zo maar ergens te gaan logeren.

Toen ik Tim vervolgens glashard tegen zijn begeleider hoorde liegen: 'Mijn ouders kennen deze mensen,' gevolgd door nog een leugen: 'Ik heb hier al heel vaak gelogeerd,' voelde ik me helemaal niet meer prettig. Wie had ik nou eigenlijk in huis gehaald?!

'Het is prima om de Barmhartige Samaritaan uit te hangen, maar je moet je gezin niet in mogelijk gevaar brengen!' verweet ik mezelf handenwringend. Gelukkig haalde de begeleider Jans achttienjarige vriend uiteindelijk op, en de volgende dag bracht Jan diens excuses over. 'En hij schaamt zich dat hij zo gelogen heeft,' voegde Jan er aan toe.

Uiteindelijk liep het allemaal met een sisser af, maar het heeft me wel aan het denken gezet. Behulpzaamheid is belangrijk, maar hoe bied je hulp op een verstandige manier? En tegelijkertijd blijkt ook dat sommige situaties zichzelf oplossen, als je even rustig afwacht, zoals in dit geval.

Wednesday, April 4, 2012

Vrouwelijke arbeidsparticipatie: kun je twee heren dienen?

Niemand kan twee heren dienen: hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of hij zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie kunnen niet God dienen én de mammon. (Mattheus 6:24)

Als het aan de overheid ligt kiezen vrouwen massaal voor een fulltime, betaalde baan, en brengen hun kinderen naar de opvang. Vanwege de vergrijzing zijn immers arbeidskrachten nodig, en de kinderopvang is alleen maar goed voor kinderen. Toch? Persoonlijk heb ik er mijn twijfels over, en zou twee dagen per week kinderopvang het maximum vinden.

Als je twee heren dient, gaat het wringen

Als ik de discussie over vrouwelijke arbeidsparticipatie hoor moet ik vaak denken aan de bovenstaande regels uit Mattheus: je kunt niet twee heren dienen. Of je kunt het wel doen, maar ergens zal het gaan wringen. En dat is iets wat ik ook regelmatig hoor bij ouders die een drukke baan combineren met een gezin: zowel op het werk als thuis hebben ze vaak het gevoel tekort te schieten.

Ik kies voor één heer

Ik heb een zusje dat bewust niet voor kinderen kiest, omdat ze vindt dat kinderen fulltime zorg verdienen. En ze geniet zo van haar werk, dat ze dáár al haar energie in wil steken. En als ik haar bevlogenheid en enthousiasme voor haar werk zie, dan kan ik me dat voorstellen. Zelf maakte ik precies de tegenovergestelde keuze: fulltime moederen, en geen betaald werk. Maar wat mijn zusje en ik delen is de keuze voor 'één heer'.

Ik kom zo bij u!

Inmiddels zijn mijn kinderen ouder, en werk ik vanuit huis. Nu dien ik eigenlijk toch twee heren, en bij tijd en wijle voel ik het spanningsveld. En het wonderlijke is dat met name de heer van mijn betaalde arbeid begerig mijn tijd opslokt. Dan moet ik bewust zeggen: 'Ik kom zo bij u!' en dan keer ik mij tot mijn andere 'heer'.

Want als ik de rust neem om stil te staan bij mijn prioriteiten, dan kies ik altijd voor mijn eerste heer.

Monday, October 17, 2011

Sssst!

Na het eten lees ik de kinderen altijd voor uit de kinderbijbel. Zo langzamerhand worden de verhalen oude bekenden voor de kinderen, maar elke kinderbijbel vertelt het verhaal toch weer anders.

Momenteel lezen we de Bijbel voor kinderen van Marianne Busser en Ron Schröder.

Vooral mijn oudste dochter kan nogal haar neus ophalen voor de bijbelverhalen, en verveeld doen. Dus ik was heel prettig verrast, toen ze donderdag toen ik voorlas over Mozes en het Gouden Kalf, heftig 'SSSSSST!!' siste tegen haar lawaaiige broer!

Soms heb je dat als moeder net even nodig.

Monday, August 29, 2011

Moreel kompas

Soms word ik aangenaam verrast door mijn kinderen.

Vandaag hoorde ik dat het plotselinge vertrek van het vriendje van mijn zoon Jan (14) een diepere reden had. Mijn zoon stuurde hem namelijk weg omdat hij het over een meisje had dat hij 'kankerslet' noemde.
'Toen heb ik gezegd dat hij weg moest gaan,' vertelde mijn zoon de volgende dag heel kalmpjes.

Voor een veertienjarige vind ik dat getuigen van een goed moreel kompas, en bovendien het lef dat te gebruiken!

Thursday, June 9, 2011

Vertelbijbel van Bob Hartman

Ik heb weer een leuke kinderbijbel ontdekt! De verhalen beslaan twee A-4tjes, zijn vlot geschreven, en laten zich makkelijk voorlezen.

Het is alweer een tijdje geleden dat ik zo enthousiast was over een kinderbijbel. Ik hoefde geen enkele keer tijdens het lezen woorden te simpliceren, of het Godsbeeld vriendelijker te maken.

70 bijbelverhalen

In totaal bestaat de Vertelbijbel van Bob Hartman uit 70 vertellingen, waarbij ook de wat minder bekende verhalen aan bod komen zoals 'De zoekgeraakte munt' en 'De man die terugkwam'. Daarnaast passeremn natuurlijk de klassiekers de revue, zoals de verloren zoon, en de koopman die zakken met talenten uitdeelt.

De verhalen zijn hier en daar zelfs humoristisch, wat ze extra geschikt maakt voor moderne kinderen, die verwend zijn met allerhande media. Hieronder zie je het verhaal van de toren van Jericho.

De lengte van de verhalen paste precies in de aandachtsspanne van mijn kinderen, die in leeftijd variëren van 7 tot 15. Mijn oudste dochter klaagt wel eens dat ze de verhalen 'al zo vaak' heeft gehoord, maar luisterde bij deze vertellingen ondanks zichzelf geïnteresseerd mee.

Kortom: ik vind deze bijbel een echte aanrader. Sterker nog, als iemand mij nu zou vragen welke bijbel het beste is, dan zou ik de Vertelbijbel van Bob Hartman vol overtuiging adviseren.

Praktische informatie



Omdat deze bijbel zich moeilijk laat overtreffen lezen we nu Verhalen: wijze sprookjes & fabels, van Happinez. Vandaag lazen we een verhaal van Toon Tellegen over een nijlpaard en een sprinkhaan die van lichaam ruilden. Binnenkort meer hierover.

Wat is jouw lievelingsbijbel?

Friday, March 11, 2011

Bidden voor en na het eten

Ik ben opgegroeid met bidden voor en na het eten. En nu, beginnen we elke maaltijd met de woorden: 'Lieve Heer, dankuwel voor dit lekkere eten,' waarbij ik afhankelijk van de maaltijd graag de nadruk op 'lekkere' leg, als stille hint aan de kinderen.

En de maaltijd is pas echt afgelopen na een dankgebed: 'Lieve Heer, dankuwel voor het lekkere eten.'

Maar gisteren kondigde mijn vijftienjarige dochter plotseling aan: 'Ik geloof niet in God, dus ik wil niet meer bidden!' Echt onverwachts kwam haar verklaring niet, want sinds ik haar twee jaar lang verplicht naar Categesatie heb gestuurd, is ze zowel anti-kerk als anti-God. Ik huiver nog dagelijks over dit boemerangeffect: je denkt als moeder je kind een grondige basis voor het geloof bij te brengen, en in plaats daarvan verwerpt ze het volledig.

Nadat ik er een nachtje over geslapen had concludeerde ik dat, gebaseerd op het boemerang effect van de categesatie, ik haar tegemoet zou komen.
Ik haalde diep adem en verklaarde: 'Maartje, als je niet in God gelooft snap ik dat je niet wilt bidden, maar ik vind het wel belangrijk om er even bij stil te staan dat we eten hébben. Dus ik stel voor dat je voortaan wel je handen vouwt en je ogen dicht doet, en zegt: 'Dank voor dit lekkere eten. Maar dan hoef je God niet meer te noemen.'

Daar kon Maartje helemaal mee instemmen, en ik heb het gevoel dat ik het goed heb opgelost. Door te voorkomen dat ze nog meer tegen het geloof gaat aanschoppen, geef ik haar de ruimte het nog een kans te geven.

En het 'lekkere' heb ik er lekker in gehouden!

Tuesday, March 1, 2011

Oneerlijke wedstrijd

Ik las de kinderen het verhaal van de 'Genezing van de verlamde man' uit Hans Stolps boek Jezus de meester voor.

In het badhuis bij de Schaapspoort, vlakbij een van de poorten van Jeruzalem, was een badhuis waar zieken jarenlang lagen te wachten op een wonder. Als het water van het badhuis in beweging kwam, was het zaak er als eerste in te springen, want degene die er het eerst inlag werd beter!

Dit veroorzaakte enige opwinding onder de oudste kinderen, want het leek ze een duidelijke zaak, dat de doven dan altijd in het voordeel waren. De blinden zouden het water immers zo snel niet kunnen vinden, en de verlamde mensen moesten waarschijnlijk kruipen.

Maar toen klonk Piets kinderstemmetje triomfantelijk: 'Maar blinde mensen hebben speciale honden die de telefoon kunnen opnemen!'

Monday, February 14, 2011

Review: kinderbijbel 'Bijbelverhalen voor jou'

Enthousiast begon ik te lezen in de nieuwe kinderbijbel die ik uit de bibliotheek had gehaald: Bijbelverhalen voor jou, van Francine Rivers. Het boek is aantrekkelijk vormgegeven, met mooi gekleurde tekeningen.

Positieve elementen van dit boek

Waar veel kinderbijbels vrij lange verhalen bieden, beslaan ze in dit boek gemiddeld zo'n zes bladzijden. De aandachtsspanne van mijn kinderen past er precies in!

Ook erg leuk vond ik, dat er na elk verhaal een pagina is gereserveerd met achtergrondinformatie, en vragen die je je kind kunt stellen. Verder staan in deze kinderbijbel ook de wat onbekendere verhalen, over minder bekende personen. Dat maakt de verhalen fris en nieuw.

Wraakzuchtige God

Maar toch, is mijn enthousiasme tijdens het lezen gaandeweg wat bekoeld, want de God die in deze bijbel wordt geschetst is geen lieverdje. En als ik de kinderen vraag: 'Waar ging het gisteren over,' dan roepen ze standaard: 'God was wraakzuchtig.'

Hoewel de bijbel uitermate kindvriendelijk is vormgegeven, is het Godsbeeld vrij wraakzuchtig.

Conclusie

Ondanks het enigszins negatieve Godsbeeld vind ik deze bijbel toch de moeite waard. Vooral vanwege de 'vergeten' bijbelverhalen. Ik lees de kinderen nu al zo'n tien jaar na het eten uit een kinderbijbel voor, en ze kunnen de verhalen zo langzamerhand wel dromen. Maar deze bijbel biedt echt nieuwe, oude, verhalen.

Praktische informatie

Deze kinderbijbel is o.a. te koop bij Bol.com voor 21,95. Helaas nog niet tweedehands.

Thursday, September 9, 2010

Ik geloof niet in God

Dagelijks lees ik de kinderen voor uit de bijbel, om ze zo een een stukje cultuurhistorisch besef bij te brengen, en een bodem voor het dagelijks bestaan te geven.

Dus toen Jan plotseling op nuchtere toon verkondigde: 'Ik geloof niet in God,' was ik verbouwereerd. Had ik daar zo mijn best voor gedaan?!

'Waarom niet?' informeerde ik.
'Gewoon, daarom niet,' schokschouderde Jan.
'En mensen die wel in God geloven dan?'
'Dat moeten zij weten,' vond Jan.

En gelijk heeft hij.

Wednesday, July 21, 2010

De bijbel lezen met kinderen

Om ze te doordringen van hun culturele erfgoed, en mijn ongeduld over hun langzame eettempo in te tomen, lees ik de kinderen dagelijks voor uit het woord van God. Menige kinderbijbel heb ik er al door heen gejast, want ik lees bijna nog sneller dan ik eet.

Momenteel worstelen we ons door Karel Eykmans 'Woord voor Woord', voor drie euro gekocht bij de Kringloop. Met argusogen houd ik in de gaten of ze wel opletten, want ik zit natuurlijk niet voor mijn lol voor te lezen! Dus eindig ik menige zin met een plotselinge vraag, of roep ijdel hun naam aan, om te testen of ze nog wel opletten.

Om één en ander in modern perspectief te plaatsen trek ik graag parallellen met hun dagelijkse besognes. Vandaag meende ik dat het verhaal relevant was voor Maartje en Jan die nog wel eens kampen met losse handjes. Dus toen ik las: 'Maar God merkte dat er steeds meer mensen waren die sterk wilden zijn door anderen te slaan,' voegde ik er op betekenisvolle toon aan toe: 'Jahaa, Maartje en Jan!'

'Hmpf!' reageerden ze zwaar beledigd, maar dat kon mij niet deren, en zelfingenomen over mijn pedagogisch vernuft las ik verder: 'Er waren ook steeds meer mensen die rijk wilden zijn door anderen arm te maken.'

Maar voor ik zelfs maar naar lucht kon happen, om Piet van dieverij te beschuldigen, riep Jan: 'Jahaa, mama!' en keek met een blik vol stil verwijt naar hun rij zilveren spaarpotjes, waaruit ik in geval van hoge nood, wel eens een lening doe.

Over oplettendheid had ik vandaag dus niet te klagen.

Friday, April 2, 2010

Goede Vrijdag

Ieder jaar, rond Goede Vrijdag, laait de discussie weer op onder de kinderen: Waarom heet Goede Vrijdag, Goede Vrijdag, als het zo overduidelijk een slechte dag was voor Jezus.

De Duitsers hebben dat handiger aangepakt, die noemen het gewoon Karfreitag, en laten in het midden of het een goede of slechte dag was.

Uiteindelijk maakte Jan een eind aan de discussie door te stellen: 'Het heet Goede Vrijdag omdat het een goede dag was voor Jezus vijanden!'

Maar waarom heet Goede Vrijdag, eigenlijk Goede Vrijdag?

Saturday, February 6, 2010

Dopen

'Ik ben wel blij dat ik gedoopt ben, mama,' zei Ot plotseling op vertrouwelijke toon toen we van school naar huis wandelden.
Aangenaam verrast knikte ik.
'Niet alle kinderen zijn gedoopt, hè mama?'
Ik knikte opnieuw.
'Sommige ouders laten de kinderen zelf kiezen, hè mama?'
'Ik wou het jou als cadeau geven, Ot,' legde ik uit, en vervolgde: 'Weet je wat het betekent, dat je gedoopt ben?'
'Dat God altijd bij me is?' riep Ot triomfantelijk.
'Ja, dat je nooit alleen bent,' bevestigde ik.
Het was even stil, toen herhaalde Ot: 'Ik ben blij dat ik gedoopt ben, mama!'
'Ik ook, Ot,' beaamde ik volmondig, want behalve heel veel liefde wens ik mijn kinderen in hun leven een geloof en vertrouwen toe dat, hoe eenzaam ze zich misschien ook voelen, ze nooit alleen zullen zijn.

Monday, January 18, 2010

Bedankt, God

Ik vind het belangrijk om de kinderen een bodempje religie mee te geven in de opvoeding, en dus moeten ze op categesatie.

Onder protest, maar toen ik als alternatief een wekelijkse kerkgang aanbood, was de keuze gauw gemaakt.

Afgelopen dinsdagavond moesten ze een email sturen aan God. 'Ik heb alleen 'bedankt' gemaild,' snoof Maartje(14) minachtend. En ik wilde mijn mond al open doen om haar de les te lezen, dat ze wel goed moet meedoen, toen ik besefte dat haar mail zo gek nog niet was.

Want een bedankje aan God vat het leven eigenlijk goed samen!

Sunday, January 3, 2010

Kinder kerkdienst

De kerk gaat met haar tijd mee, en dus was de kinderkerstdienst, op kerstavond, interactief.

Terwijl Jozef en Maria naarstig naar een slaapplek zochten, werden uit het publiek, vroeger bekend als De Gemeente, vrijwilligers geplukt. Zij werden ad hoc gecast voor rollen als schapen, engelen, herders en verdwaalde kinderen.

Het was interessant om te zien hoe verschillend mijn kinderen hier op reageerden. Piet (6) en Teuntje (10) stonden te popelen, en verrekten bijna hun nek in hun pogingen langer te lijken, zodat ze gezien werden.

Maartje (14) en Jan (12) daarentegen schoven juist onderuit op hun stoelen in een poging onzichtbaar te worden en casting te vermijden. Ot (8) vormde een soort Zwitserland: hij zat gewoon op zijn stoel en toonde zich neutraal.

'Wil je niet leuk mee doen Jan?' siste ik naar achteren.
'Neuh,' zei Jan en viel bijna van zijn stoel in een poging nog verder onderuit te zakken. 'Ik wil niet.'
'Dan zeg je toch gewoon: 'Ik heb PDD-NOS!' tipte ik hem, want zo nu en dan stoomt er nog wel eens wat frustratie uit de snelkookpan van mijn emoties.

Jans gezicht klaarde helemaal op, en even later hoorde ik hem triomfantelijk tegen Ot fluisteren: 'Als ze mij vragen zeg ik gewoon dat ik PDD-NOS heb!'

Uiteindelijk werd Piet gecast als 'Verdwaald kind' en Teuntje als 'Engel'. Zo was iedereen blij. Hoewel ik nog steeds een hartig woordje zou willen wisselen met de regisseur die Jan heeft gecast als PDD-NOS-ser.

Het zou me niks verbazen als Jezus nu had geleefd, hij allang gediagnosticeerd was. Als 'Nieuwetijds Kind'.

Friday, November 27, 2009

Wie zijn kind lief heeft spaart de roede niet

Predikant Gertjan Goldschemeding van de ACC Jouwkerk in Amserfoort verkondigde vanaf zijn kansel dat er niks mis is met de pedagogische tik. Volgens Goldschmeding is het een uiting van liefde. Staat immers in de bijbel niet: 'Wie zijn kind lief heeft, spaart de roede niet?'

In de J/M poll van oktober 2009 vindt een kleine meerderheid van zesenvijftig procent dat de pedagogische tik moet kunnen. Maar de experts zijn het hier beslist niet mee eens, en vinden dat slaan een teken van machteloosheid is en voort komt uit impulsieve woede. Bovendien geef je als ouder het verkeerde voorbeeld.

In de regel heb ik het niet zo op al die zogenaamde experts, maar in dit geval ben ik het helemaal met ze eens. Wat een wonderlijk principe om je kind pijn te doen, om hem iets duidelijk te maken. Stel je voor dat je partner je knijpt om zijn punt te maken! Je moet het als volwassene toch met woorden af kunnen?

Ik vind dit een goed voorbeeld dat de bijbel voor velerlei interpretatie vatbaar is, en dat velen wel stukken kunnen vinden om hun mening te onderschrijven. Zegt de bijbel immers ook niet: 'Zoekt en gij zult vinden?!'

Wat vind jij van de pedagogische tik?

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...