Email Abonnement

Thursday, March 24, 2011

Ontmoetingen met God

Ik rende over een zandpad toen een auto mij luid toeterend passeerde. Verstoord keek ik op, en zag een mij onbekende malloot woest wuiven.
'Stomme mannen altijd,' mopperde ik binnensmonds.
Maar toen viel mij plotseling in: 'God is zeker in een lollige bui vandaag!' En ineens was ik niet meer geïrriteerd, maar glimlachte.

Want ik geloof graag dat iedereen een stukje 'God' in zich draagt, en is het niet prachtig hoe je God dan overal kunt tegenkomen? Het doet me denken aan het lied 'What if God was one of us?'.
Soms kom je hem tegen in de vorm van een lollige bestuurder van een auto, soms in een vriendelijke kassière, soms in de vorm van twee vogeltjes die blijmoedig om elkaar heen dansen.

En toen er een auto naast mij stopte, en een man naar buiten leunde met de woorden: 'Kunt u mij zeggen hoe ik bij de Stadsheidelaan moet komen,' trok ik mijn oordopjes uit mijn oren, en deed uitvoerig verslag.

En toen ik weer verder rende dacht ik bij mezelf: 'Ik hoop dat die meneer denkt: 'Wat was God vriendelijk vandaag.'

Saturday, March 19, 2011

Bij jezelf blijven versus sociaal zijn

Op één van de kinderfeestjes van mijn dochters is het elk jaar dezelfde gast die veel dingen 'niet leuk' vindt, en zich onttrekt aan de feestelijkheden.

Dat meisje roept dan ook wel wat irritatie op onder de andere feestgangers. In eerste instantie verdedigde ik haar, maar eerlijk gezegd werd ik na een tijdje ook wrevelig.

Dat zette me aan het denken: Hier is nou eens een meisje dat 'bij zichzelf' blijft, en authentiek is. Als ze iets niet leuk vindt dan zegt ze dat gewoon, en doet ze niet mee. En is dat niet iets waar menigeen naar streeft? Maar toch is het op zo'n kinderfeestje heel irritant!

Hoe vind je een goed evenwicht tussen 'bij jezelf' blijven, en niet 'irritant' of zelfs 'asociaal' zijn? Wanneer moet je je gevoelens even opzij zetten ten behoeve van het groepsproces, en wanneer moet je jezelf trouw blijven?

Als iemand die altijd aardig gevonden wil worden, neig ik naar aanpassen. Je zult mij echt niet horen zeggen: 'Daar heb ik geen zin in!' of 'Dat vind ik niet leuk!' Dat vind ik sneu voor de gastvrouw, en ik vind het mijn taak als gast om mij zo goed mogelijk te vermaken.

Ik voel me eerlijk gezegd nog helemaal kriebelig over die lastige gast! Maar kunnen niet juist de buitenstaanders, en mensen die anders zijn dan anders, altijd op Jezus' aandacht rekenen in de bijbel? Zoals Zacheüs de tollenaar?

Waar ligt voor jou het evenwicht tussen 'bij jezelf blijven' en 'sociaal zijn'?

Friday, March 11, 2011

Bidden voor en na het eten

Ik ben opgegroeid met bidden voor en na het eten. En nu, beginnen we elke maaltijd met de woorden: 'Lieve Heer, dankuwel voor dit lekkere eten,' waarbij ik afhankelijk van de maaltijd graag de nadruk op 'lekkere' leg, als stille hint aan de kinderen.

En de maaltijd is pas echt afgelopen na een dankgebed: 'Lieve Heer, dankuwel voor het lekkere eten.'

Maar gisteren kondigde mijn vijftienjarige dochter plotseling aan: 'Ik geloof niet in God, dus ik wil niet meer bidden!' Echt onverwachts kwam haar verklaring niet, want sinds ik haar twee jaar lang verplicht naar Categesatie heb gestuurd, is ze zowel anti-kerk als anti-God. Ik huiver nog dagelijks over dit boemerangeffect: je denkt als moeder je kind een grondige basis voor het geloof bij te brengen, en in plaats daarvan verwerpt ze het volledig.

Nadat ik er een nachtje over geslapen had concludeerde ik dat, gebaseerd op het boemerang effect van de categesatie, ik haar tegemoet zou komen.
Ik haalde diep adem en verklaarde: 'Maartje, als je niet in God gelooft snap ik dat je niet wilt bidden, maar ik vind het wel belangrijk om er even bij stil te staan dat we eten hébben. Dus ik stel voor dat je voortaan wel je handen vouwt en je ogen dicht doet, en zegt: 'Dank voor dit lekkere eten. Maar dan hoef je God niet meer te noemen.'

Daar kon Maartje helemaal mee instemmen, en ik heb het gevoel dat ik het goed heb opgelost. Door te voorkomen dat ze nog meer tegen het geloof gaat aanschoppen, geef ik haar de ruimte het nog een kans te geven.

En het 'lekkere' heb ik er lekker in gehouden!

Tuesday, March 1, 2011

Oneerlijke wedstrijd

Ik las de kinderen het verhaal van de 'Genezing van de verlamde man' uit Hans Stolps boek Jezus de meester voor.

In het badhuis bij de Schaapspoort, vlakbij een van de poorten van Jeruzalem, was een badhuis waar zieken jarenlang lagen te wachten op een wonder. Als het water van het badhuis in beweging kwam, was het zaak er als eerste in te springen, want degene die er het eerst inlag werd beter!

Dit veroorzaakte enige opwinding onder de oudste kinderen, want het leek ze een duidelijke zaak, dat de doven dan altijd in het voordeel waren. De blinden zouden het water immers zo snel niet kunnen vinden, en de verlamde mensen moesten waarschijnlijk kruipen.

Maar toen klonk Piets kinderstemmetje triomfantelijk: 'Maar blinde mensen hebben speciale honden die de telefoon kunnen opnemen!'

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...